zondag 29 november 2015

De adelaar


 
 

      Een man loopt langs de kant van de weg. Tijdens het lopen vindt hij het ei van een adelaar. Hij bekijkt het ei van alle kanten, stopt hem in zijn jaszak en neemt het mee naar huis, Daar aangekomen stopt de man het ei in het nest van een broedende kip op het boerenerf. De jonge adelaar komt tegelijkertijd met de kippenkuikens uit, ze groeien samen op. Vele jaren doet de adelaar wat de kippen ook doen. Hij krabbelt in de aarde naar wormen en andere insecten. Hij tokt en kraait. Zo heel af en toe beweegt hij z’n vleugels, vliegt een eindje van de grond. De jaren gaan voorbij, de adelaar wordt ouder.

Op een dag ziet hij een schaduw boven zich. Wanneer hij omhoog kijkt ziet hij een prachtige vogel aan de wolken loze hemel. De vogel zweeft gracieus en koninklijk in de sterke windstroom met nauwelijks een slag van zijn gouden vleugels. Hij ziet de scherpe blik, de kromme snavel, de glanzende gouden veertjes op zijn kop bewegen in de wind. De oude adelaar kijkt vol bewondering toe. “Wie is dat? “ vraagt hij zachtjes. “Dat is de adelaar, de koning onder de vogels,” zegt z’n buurman. “Hij hoort thuis in de lucht, zoals wij op de grond thuishoren – wij zijn kippen.”

De adelaar kijkt nog eens omhoog, met een zucht gaat hij weer verder. Hij krabbelt in de aarde op zoek naar wormen en insecten en af en toe tokt en kraait hij. Zo nu en dan beweegt hij zijn vleugels, vliegt een eindje van de grond. Zo leeft hij nog vele jaren..

De moraal van dit verhaal...
In ieder van ons leeft een adelaar. Onze cultuur en de systemen die ons getemd hebben, hebben ons veranderd in kippen die in het zand krabben, graantjes pikken van de grond. Wij hebben echter de roeping naar de hoogte, naar het oneindige.

Laten we de adelaar die in ons schuilt bevrijden. Wij willen niet toelaten dat men ons veroordeelt tot middelmatigheid, maar de vlucht naar de vrijheid wagen. En we willen anderen meenemen, want we dragen allemaal een adelaar in ons.



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen